Mijn winkelwagen

Sluiten

OMGAAN MET EEN MOTIVATIEDIP

Haal jij het beste uit jezelf als wielrenner? En wat kan jij nog beter doen? Als amateurrenner is dit vaak lastig in te schatten. We krijgen dan ook regelmatig vragen binnen van leden, over training, voeding, materiaal en ga zo maar door. Om optimaal te presteren ben je afhankelijk van veel factoren. Onze wegrenners weten daar natuurlijk alles van, dus helpen jou met al je vragen!

De vraag van Koen: hoe ga je om met een motivatiedip?

BEAT lid Koen van der Sterren stuurde de volgende vraag in: “Wat doe je als je het ‘even niet ziet zitten’. Wanneer je echt geen zin hebt om te trainen dus. Hoe ga je met een motivatiedip om?”

Iedereen krijgt wel eens met motivatieproblemen te maken, ook onze eigen wegrenners. Daarom vroegen we Luuc Bugter of hij ook weleens geen zin heeft om te trainen en wat hij dan doet om toch weer gemotiveerd op de fiets te stappen.

Er is een reden voor je motivatiedip

“Ik vind het altijd lastig om volle bak te trainen als we in een periode zitten met veel koersen en het niet zo lekker gaat bij mij. De wedstrijden gaan dan niet ‘vanzelf’ en de trainingen ook niet. Je lichaam is vermoeid, dus dan is het extra moeilijk om jezelf op de fiets te slepen. In zo’n periode forceer ik niet te veel. Ik ga dan juist even wat anders doen. Ik neem wat extra rust of ik ga iets doen met vrienden. In zo’n situatie is het belangrijk om jezelf zowel fysiek als mentaal even op te frissen, zodat je daarna weer alles kan geven! Dus durf ook toe te geven aan je motivatiedip, want er is een reden dat je die hebt.

Breng structuur aan

Ook de winterperiode is vaak lastig. Hierin zit weinig uitdaging omdat we geen wedstrijden rijden. Dan is het lastig om veel trainingsuren te maken. Ik probeer dan zoveel mogelijk met anderen te trainen. Dat is natuurlijk veel gezelliger en je kan af en toe bijvoorbeeld een sprintje tegen elkaar rijden. Zo ga ik op zoek naar wat uitdaging en competitie, dat maakt het een stuk leuker om lang te trainen. Je kunt dit ook doen door je bijvoorbeeld in te schrijven voor een wedstrijd, zo heb je een stok achter de deur. In zo’n periode is het ook belangrijk om structuur aan te brengen in je training. Zet tijden vast waarop je gaat trainen. Maak bijvoorbeeld een trainingsschema.

Het gaat om beter worden

Het kan soms bijvoorbeeld ook heel slecht weer zijn, waardoor ik geen zin heb om buiten te gaan trainen. Dan ga ik ook niet altijd, want mijn trainingsschema is niet altijd heilig. Soms moet je een bepaalde training natuurlijk wel doen, als er specifieke intervallen gepland staan, maar ik vraag me altijd af: ‘word ik er beter van?’. Als je drie uur lang in de kou en regen gaat trainen en je bent vervolgens een week verkouden, dan schiet je er niks mee op. Als het kan train ik dan binnen, of doe ik bijvoorbeeld krachttraining. Het moet uiteindelijk wel leuk blijven.

Herken je eigen kantelpunt

Wat ik zo mooi vind aan het wielrennen, is dat je jezelf soms een heel slecht gevoel aan praat als je geen zin hebt om te gaan fietsen, maar als je eenmaal tien minuten op de fiets zit is dat gevoel helemaal weg en ben je weer aan het genieten. Het omkleden is dan eigenlijk het moeilijkste moment van de dag. Onthoud dat wanneer jij zo’n moment hebt! Uiteindelijk geeft het veel voldoening als je toch bent gegaan en geniet je er zelfs misschien alleen maar meer van.”