Mijn winkelwagen

Sluiten

PARIJS - ROUBAIX VOOR MIJN VADER

Gepubliceerd op 19 april 2019

BEAT ambassadeur Rick Stultiens is een van de winnaars van de BEAT the Classics Test Team actie. Een van zijn grote doelen dit voorjaar was de Parijs – Roubaix toertocht. Rick vertelt ons waarom hij voor deze tocht heeft gekozen en hoe de dag verlopen is:

Het is eind 2018 als ik met mijn beste vriend Ludo tijdens een herfstrit aan het praten ben over onze sportieve doelen voor 2019. We zijn allebei gek van fietsen, dus onze sportieve doelen hadden dan ook met het wielrennen te maken. We hebben de kalender van 2019 erbij gepakt in de hoop dat er wat leuks tussen stond. Wat bleek, de favoriete koers van mijn pas overleden vader, Parijs - Roubaix, werd gereden op 13 april (de verjaardag van mijn vader).

Mijn vader sprak altijd over het Bos van Wallers met de bekende strook Trouée d’Arenberg. Volgens hem begon hier Parijs - Roubaix pas echt. Dit was ook de eerste kasseistrook van de toertocht, dus voor mij was de beslissing gemaakt. Ik schreef me gelijk in zodat ik op zijn verjaardag kon schitteren in zijn geliefde Parijs – Roubaix.

Met inschrijven alleen kom je niet ver, dus begon in november de voorbereiding op deze tocht. Het begin was lastig, het weer werkte niet altijd mee en in december kreeg ik ook nog een zware longontsteking waardoor ik een maand niet kon trainen. Een vakantie naar Costa Rica heeft me geholpen om er weer bovenop te komen en in januari kon ik weer langzaamaan beginnen met sporten.

Omdat ik inmiddels een flinke trainingsachterstand had opgelopen besloot ik een vo2max-test te doen om te zien waar ik op dat moment conditioneel stond. Hieruit bleek dat mijn basisconditie gewoon meer dan goed was. Mijn sportarts raadde mij wel aan om wat afwisselender te trainen om zodoende een betere conditie op te bouwen. Dit hield simpelweg in dat ik minimaal 3x in de week moest trainen. De ene week stonden er 2 duurtrainingen en 1 intervaltraining op het menu, de week erna 2 intervaltrainingen en 1 duurtraining. Ik voelde dat dit behoorlijk effect begon te hebben. Om zeker te weten dat ik op tijd klaar zou zijn voor Parijs-Roubaix heb ik met mijn vrouw een korte trainingsstage op Tenerife gedaan.

Hier kon ik fantastisch trainen en ondertussen genieten van een heerlijk weertje. Daarnaast was dit een mooie gelegenheid om ons 1-jarige huwelijk te vieren. Op het eiland heb ik een aantal mooie ritten gemaakt, waaronder de klim van de Pico del Teide.

Na Tenerife was het nog 3 weken tot aan Roubaix. Ik voelde me goed en was er klaar voor. De trainingen gingen voorbij en de dagen tikte in rap tempo weg. Voor ik het wist was het zo ver. Op vrijdag 12 april ben ik begonnen met de koffer inpakken. Het zou koud worden, dus ik had alleen maar winterse kleding mee. Ook zouden er enkele zware regenbuien overtrekken. Ik keek richting hemel en dacht: Mijn vader vond een modderige Roubaix het mooiste wat er was, hij laat me toch niet door de blubber stuiteren? Enfin.. Ik nam 5 reservebanden mee, 8 gelletjes, wat repen, sportdrank en alle benodigde kledij voor deze zware dag.

Om 3 uur ’s middags waren we helemaal klaar, stonden de fietsen op de auto en lagen de koffers in de achterbak. In de auto vroegen Ludo en ik ons af of we er wel klaar voor waren. Natuurlijk zijn we er klaar voor, zei ik. Het is geen wedstrijd, dus we hoeven niet als een stel idioten over die kasseien te vliegen. We wisselden nog wat ideeën uit over hoe te rijden, bandendruk, eten etc. en voor we het wisten waren we bij ons hotel. Ik viel die avond laat in slaap en was veel wakker gedurende de nacht. Als ik al sliep, was het erg onrustig en de twijfel begon me te bekruipen. Heb ik wel voldoende getraind, gaat het echt zulk slecht weer worden, ga ik niet vallen, hoe vaak zal ik lek rijden? Van alles schoot er door me heen.

De nacht werd al heel snel dag en om half 7 ging de wekker. Eerst even een warme douche en dan ontbijten. We hadden afgesproken dat Olivier, de hoteleigenaar, ons ontbijt om 7 uur klaar zou hebben. Eenmaal aan de eettafel kwamen de lekkerste versgebakken broodjes met jam, fruit en andere etenswaren voorbij. Snel aten we wat en stonden we al te springen om naar de wielerbaan te gaan om onze startbescheiden op te halen. Rond de klok van half 9 kwamen we aan bij de wielerbaan en zagen we de duizenden gelijkgestemden, klaar voor hun vertrek door de Hel van het Noorden.

We speldden onze kaderplaatjes op, daarna onze rugnummers. Langzaam bij beetje kwam het vertrek toch echt dichterbij en voor we het wisten reden we met een groep van een man of 100 de straten rond de wielerbaan door, op weg naar de eerste kasseistrook. We zaten in een mooi groepje wat een fijn tempo reed op weg naar het befaamde Bos van Wallers, met daarin Trouée d’Arenberg, de strook van pap. Ik raakte helemaal in een soort trans en dook als een malle het bos in. Ik haalde de ene na de andere renner in en reed een behoorlijk tempo. Pap keek op me neer en zag dat het goed zat. Eerst op de rug van de kasseien, daarna het gootje, toen terug de kasseirug op en de gashendel helemaal open. Weer haalde ik hordes renners in en zag het einde van de strook al in zicht komen. Hier stopte ik, pakte wat as van pap en strooide het uit onder de boog die aangaf dat de strook erop zat. Ik keek omhoog en zei zacht: “Vanaf nu maak je altijd deel uit van je favoriete koers”.

De stroken volgden zich daarna in rap tempo op, elke 4 á 5 km hadden we een strook en ik at en dronk op de tussenstukken. Ik raad het ook niemand aan om op een kasseistrook te gaan eten, want met 1 hand rijden is vragen om problemen. Al snel zaten de 35 km kasseien erop en moesten we nog 1 klimmetje doen richting het velodrome.

Eenmaal bij het velodrome aangekomen bekroop me het gevoel dat pap de hele dag op mijn schouder had meegelift en ervoor gezorgd had dat alles goed was verlopen. Geen lekke banden voor Ludo of mij, geen hongerklop, geen ander materiaalpech of valpartijen. Hier heb ik even een momentje voor mezelf genomen, terwijl Ludo richting finish peddelde. Ik keek weer omhoog en zei: “Proficiat ouwe en bedankt voor vandaag!” Ik fietste over de finish en daar stonden de meisjes die de medailles uitdeelden lachend op me te wachten, totaal geen benul van wat er in mij omging op dat moment. En zo eindigde mijn Parijs-Roubaix.

Dezelfde dag nog sprongen we in de auto terug naar huis. Tijd om te herstellen, en de volgende dag te genieten van de grote mannen. Parijs – Roubaix 2019 heb ik van begin tot eind gevolgd. Wat was het gaaf dat uigerekend Philippe Gilbert won. Dat had pap ook helemaal te gek gevonden, want hij vond Gilbert een fantastische renner. Een prachtig einde, van een aantal prachtige dagen.